
Meetinstrumenten Het programma ‘Meetinstrumenten’ is gericht op het inventariseren en beoordelen van meetinstrumenten die voor de paramedische beroepsgroepen relevant zijn of lijken. Het NPi onderzoekt onder andere de kwaliteit van meetinstrumenten, dat wil zeggen: de validiteit, betrouwbaarheid en gevoeligheid en de mate waarin ze geschikt zijn voor het gebruik in de paramedische praktijk. Reeds beschikbare meetinstrumenten worden bijgesteld op basis van reacties uit de praktijk. Belang van meetinstrumenten Het gebruik van meetinstrumenten staat in toenemende mate in de belangstelling. Oorzaak is de opmars van het ‘evidence based’ handelen. Ook paramedici krijgen steeds meer de vraag voorgelegd: ‘maak inzichtelijk wat je doet’. Zij moeten aan de hand van harde gegevens (evidence) laten zien dat hun behandeling effect heeft. Of een behandeling bijdraagt aan het herstel van een patiënt is met behulp van gevalideerde meetinstrumenten vast te stellen. In de praktijk worden nog vaak meetinstrumenten gebruikt waarvan de methodologische kwaliteit onvoldoende (bekend) is. Dit kan tot onjuiste conclusies over de waarde van de behandeling leiden. Voorbeelden Meetinstrumenten voor gebruik in de paramedische zorg zijn: vragenlijsten, de Welbevinden-schaal (voor het meten van de kwaliteit van leven en ADL-schalen (voor het meten van het functioneren in het dagelijks leven). Databank meetinstrumenten De Databank Meetinstrumenten is vooralsnog alleen bij het Nederlands Paramedisch Instituut zelf te raadplegen. De Afdeling Documentaire Informatie streeft ernaar eind 2002 de databanken via deze website beschikbaar te stellen. Een en ander is afhankelijk van de financieringsmogelijkheden.
|